Abonneren nieuwsberichten

 Wilt u de nieuwsberichten op onze homepage (via RSS feedreader) ontvangen? Ga naar info.

101 tips om uw woning comfortabelerveiliger en beter toegankelijk te maken

Uw woning is uw thuis. Omdat u hier graag veilig en comfortabel wilt blijven wonen, is het van belang om na te gaan of het voldoet aan toegankelijk-, veiligheid en comfort. Neem deze tips door, mogelijk komt u ook verbeterpunten tegen voor uw woning! U kunt uw woning zelf aanpassen of de woningaanpassing door derden laten uitvoeren.

Ga naar een onderstaand onderwerp: 

Algemeen
Domotica
Trap
Hal en entrée
Woonkamer
Keuken
Slaapkamer
Badkamer
Toilet
Tuin of balcon
Tijdens de verbouwing

ALGEMEEN

1.  Verwijder drempels – minder kans op vallen, gemakkelijker schoonhouden.

2.  Losse spullen opruimen – minder kans op ongelukken.

3.  Haal losliggende matten en kleden weg of gebruik antislip strips.

4.  Zorg dat veelgebruikte spullen gemakkelijk bereikbaar zijn.

5.  Laat extra stopcontacten aanleggen zodat u geen verlengsnoeren hoeft te  gebruiken, deze vergroten de kans op struikelen.

6.  Werk snoeren zoveel mogelijk weg om de kans op struikelen te voorkomen.

7.  Programmeer de noodnummers in uw telefoon of leg een lijstje klaar.

8.  Een veilige vloer is niet te glad maar ook niet te stroef.

9.  Gebruik naar binnen gebogen deurkrukken om vasthaken te voorkomen.

10. Breng stopcontacten op heuphoogte aan zodat u niet hoeft te bukken.

11. Heeft uw huis meerdere verdiepingen, overweeg dan om bijvoorbeeld een extra stofzuiger voor boven aan te schaffen zodat u niet over de trap hoeft te sjouwen.

12. Zorg voor een goede, veilige, lichtgewicht huishoudtrap met voldoende steun.

13. Een handig hulpmiddel is een dweil op steel met uitwring mechanisme.

14. Zet een wasmand op een onderstel zodat u minder hoeft te bukken.

15. Laat de was drogen op de verdieping waar de wasmachine staat.

16. Een telefoon met luidspreker (hands-free) kan handig zijn, u hoeft de hoorn dan niet vast te houden.

17. Met een verlengde raamopener kunnen bovenraampjes worden geopend zonder halsbrekende toeren.

18. Bij brand moet u zo snel mogelijk u huis uit kunnen vluchten, zorg dat u bijv. Uw sleutels op een vaste plek hebt liggen.

 

DOMOTICA (huisautomatisering) 

19. Overweeg de aanschaf van een computer met toegang tot internet. Dit biedt u een bron van informatie, geeft u de mogelijkheid om elektronisch te communiceren (e-mail), foto’s te ontvangen en verzenden en nadere informatie over uw hobby’s te vergaren.

20. Automatische verlichting gaat aan of uit als het donker of licht wordt. (schemer-schakelaar) of als er beweging in de buurt is (bewegingssensor). Ook voor uw slaapkamer en toilet kan dit een oplossing zijn.

21. Een tijdklok zorgt ervoor dat uw lampen vanzelf aan en uit gaan.

22. Een draadloze schakelaar is handig om lampen en elektrische apparaten op afstand aan- en uit te kunnen zetten.

23. Overweeg een gordijnsysteem en zonneschermen die op afstand bediend kunnen worden.

24. Een elektronisch voordeurslot kan uitkomst bieden als u bijvoorbeeld slecht te been bent. Dit slot kunt u op afstand bedienen.

25. Plaats detectoren voor rook, koolmonoxide en aardgas. Koolmonoxide is een uiterst giftig gas dat u zelf niet ruikt en bijv. Vrijkomt bij onjuist afgestelde of vervuilde kachels en geisers.

26. Verlichte schakelaars in badkamer, slaapkamer en gang zijn goed zichtbaar in het donker.

27. Personenalarmering kan helpen in noodsituaties. Via een noodknop in een arm of halsband komt men in contact met een centrale die de situatie inschat en de nodige zorg voor u inschakelt.

28. Overweeg een video intercom met een automatische deuropener voor de voordeur zodat u niet naar de voordeur hoeft om te zien wie er is en om de deur te openen.

TRAP

29. Een leuning aan beide zijden van de trap geeft u meer houvast bij het trap-lopen.

30. Zorg dat de treden van de trap stroef en slipvrij zijn.

31. Voor de veiligheid is het belangrijk dat er voldoende licht is zodat u de traptreden goed kunt zien.

32. Breng antislip richels aan op de trap. Dit voorkomt uitglijden.

33. Om de treden goed zichtbaar te maken, kunt u bijvoorbeeld de eerste en laatste traptrede markeren met een andere, opvallende kleur.

34. Een binnentrap kan vaak worden voorzien van een traplift als u de trap niet meer zelfstandig kunt betreden.

35. Loop niet met sokken op een gladde trap of met gladde schoenen op een met stof beklede trap.

HAL EN ENTREE

36. Een toegangspad naar de woning dat 1,20 meter of breder is, is goed toegankelijk voor iemand met een rolstoel of rollator.

37. Een toegangspad naar de woning dat verhard is (geen grind) en vrij van onregelmatigheden voorkomt struikelen.

38. Een duidelijke voordeurbel die u overal in huis kunt horen is handig. Bent u slechthorend dan kan de bel ook worden voorzien van een lichtsignaal. Het lichtsignaal is dan zichtbaar op diverse plaatsen in de woning.

39. Een postopvangkast achter de brievenbus voorkomt bukken.

40. Een handgreep op de voordeur maakt het openen en sluiten van de deur gemakkelijker.

41. Een goed geïntegreerde deurmat in de vloer achter de voordeur voorkomt struikelen.

42. Een goede buitenlamp bij de voor- en achterdeur geeft niet alleen een veilig gevoel, maar is ook gemakkelijk wanneer u in het donker de sleutel nog moet zoeken. Een lamp met een bewegingssensor schakelt automatisch aan wanneer u thuiskomt of wanneer iemand voor de deur staat. Bovendien vermindert goede buitenverlichting de kans op inbraak.

WOONKAMER

43. Programmeer de klokthermostaat van uw centrale verwarming met een dag- en nachtstand. Zo hoeft u niet telkens de temperatuur in te stellen maar gaat het inschakelen en uitzetten vanzelf.

44. Gebruik afstandsbedieningen voor de tv, video/dvd en radio. Schaf eventueel een gecombineerde afstandsbediening aan, zo hoeft u slechts één afstandsbediening te gebruiken. Bij de aanschaf van een nieuwe afstandsbediening is het handig om te kiezen voor wat grotere knoppen, dit is handig wanneer u wat slechter kunt zien.

45. Plaats meubelverhogers of een speciale stoel waardoor opstaan en gaan zitten gemakkelijker gaat. De druk op knieën en benen die u kunt ervaren bij (te) laag meubilair vermindert daardoor.

KEUKEN

46. Het aanrecht is minimaal 180 cm lang.

47. De hoogste plank van een keukenkastje zit op 140 tot 170 cm hoogte, de onderste plank niet lager dan 40 cm.

48. De gemakkelijkste en veiligste keukenvloer is hard en slipvrij. Denkt u hierbij aan linoleum, laminaat, tegels, speciale tapijttegels of stroeve vinyl. Let op: laminaat en tegels worden glad als ze vochtig zijn.

49. Zorg voor een goede basisverlichting, bijvoorbeeld door middel van een plafonnière. Lampjes onder de keukenkastjes en de afzuigkap zorgen voor verlichting op het aanrecht en op de kookplaat en voorkomen dat u in uw eigen licht staat.

50. Plaats een éénhendelkraan bij de spoelbak. Met één hendel stelt u de kraan in op de juiste temperatuur en de juiste hoeveelheid water. Dit is handig als de kracht in uw handen afneemt.

51. Het koken op een inductie- of keramische kookplaat is veiliger dan koken op gas. Bovendien zijn de kookplaten vlak waardoor de pannen niet getild hoeven te worden. U kunt ze gemakkelijk verschuiven.

52. De kookplaat is dichtbij de spoelbak en de kraan geplaatst.

53. De deur of doorgang naar de keuken is minstens 90 cm breed. Hierdoor is de keuken goed toegankelijk ook met een loophulpmiddel.

54. Onder in het keukenblok zitten laden in plaats van kastjes.

55. Een kruk kan gemakkelijk zijn bij het koken of afwassen. Let u er wel op dat u een stabiele, stevige kruk gebruikt.

56. Plaats een extra afwasteil op zijn kop in de spoelbak. De afwasteil met water komt hierdoor hoger te staan waardoor u er gemakkelijker bij kunt. Of vervang de spoelbak voor een minder diep exemplar.

57. Vervang vaste planken door uittrekbare of uitschuifbare planken met behulp van geleiders.

58. De magnetron staat op ooghoogte zodat u er veilig dingen in kunt zetten en eruit kunt halen.

59. Plaats eventueel een extra werkblad dat precies dezelfde werkhoogte heeft

60. Plaats een metalen pannenrek of een vuurvaste plank op het aanrecht om een eventueel hoogteverschil met het gasfornuis te overbruggen. U kunt daardoor pannen van het vuur schuiven in plaats van te moeten tillen.

61. Gebruik doorzichtige planken, bijvoorbeeld van glas, zodat u van onderen kunt zien wat er op de plank staat zonder op bijvoorbeeld een krukje te hoeven gaan staan.

62. Als u een kastje onder het aanrecht heeft en graag uw benen daar kwijt wilt (bijvoorbeeld omdat u in een rolstoel zit of zittend wilt koken), kunt u het kastje leegmaken en het deurtje openzetten of verwijderen.

63. Plaats een vaatwasser of koelkast op een verhoging. Dit werkt prettiger omdat u niet hoeft te bukken.

64. Zijn uw pannen zwaar? Vervang ze door lichtgewicht exemplaren.

65. Een touwtje met klosje aan het handvat van de la kan u helpen bij het opentrekken van de la.

SLAAPKAMER

66. Bedverhogers zorgen ervoor dat u gemakkelijker in en uit uw bed kunt stappen.

67. Een (handsfree) telefoon bij uw bed kan prettig zijn. Een telefoon met gemakkelijke bediening en grote toetsen zorgt ervoor dat u deze goed kunt bedienen.

68. Zorg voor een nachtlampje waar u gemakkelijk bij kunt of zorg voor minimaal één lichtschakelaar die vanuit bed is te bedienen.

69. Een bed met een elektrisch verstelbare bodem helpt om gemakkelijker in en uit bed te kunnen stappen. Tevens kunt u gemakkelijker lezen en tv kijken.

BADKAMER

70. Beugels geven stevigheid zoals bij het in en uit de douche of het bad stappen maar ook bij het bukken. Door beugels te gebruiken kunnen allerlei handelingen in de badkamer en het toilet dus gemakkelijker en veiliger worden uitgevoerd. Let u er wel op, het is niet verstandig om beugels op een muur van gasbetonblokken te bevestigen. Dit materiaal is vaak te zacht en poreus. Een stenen muur is ideal.

71. Met het aanbrengen van een antisliplaag op de tegels verkleint u de kans op uitglijden aanzienlijk.

72. Om vallen te voorkomen is het veiliger om geen losse kleden en badmatten op de vloer te leggen. Wilt u toch een mat, gebruik dan antislip strips of een antislip ondermat.

73. Plaats een rekje voor shampoo, doucheschuim en andere toiletartikelen zodat u er gemakkelijk bij kunt, zonder te hoeven lopen of te bukken.

74. Kies voor een éénhendelkraan op de wastafel. Met één hendel stelt u de kraan in op de juiste temperatuur en de juiste hoeveelheid water. Dit is handig als de kracht in uw handen afneemt.

75. Een thermostaatkraan in de douche is veilig en comfortabel. De temperatuur

Is vooraf naar wens in te stellen. In de kraan is een vergrendeling aangebracht waardoor het water niet warmer wordt dan een bepaalde temperatuur. U krijgt dus niet eerst een te koude of te hete straal water.

76. Een douchewand zorgt ervoor dat tijdens het douchen de rest van de badkamer niet nat wordt. Om de ruimte af te scheiden kunt u een douchedeur plaatsen. Het alternatief is een douchegordijn maar een douchegordijn kan tijdens het douchen tegen het lichaam gaan plakken. Kies de instap van de douche zo breed mogelijk, ongeveer 90 cm, zodat deze ook te gebruiken is met een loophulpmiddel. Kies bij voorkeur geen douchebak vanwege de opstap.

77. Plaats een waterbestendige stoel/kruk in de badkamer zodat u zittend kunt douchen of aan- en uitkleden.

78. Een inloopdouche is eenvoudig te betreden omdat de badkamervloer vlak is en dus niet wordt onderbroken door een (verhoogde) douchebak. 

79. Vaak kan de drempel bij de badkamer niet worden verlaagd omdat er leidingen in de vloer zijn verwerkt. U verhoogt de veiligheid door een drempelhulp en een handgreep te plaatsen.

80. Voor mensen die moeite hebben in en uit het bad te komen, is een extra handgreep handig.

81. Met een verstelbare handdouche op een glijstang kunt u de douchekop op verschillende hoogten instellen. Prettig wanneer u wat kleiner bent maar vooral belangrijk wanneer u zittend wilt douchen. Let u er wel op dat de stang niet bedoeld is om houvast te bieden.

82. Door het gebruik van warm water vormt zich vocht in de badkamer. Veel vocht kan aanleiding geven tot schimmelgroei en dat is niet bevorderlijk voor de gezondheid. Ventilatie is daarom belangrijk. Het gebruik van mechanische ventilatie (boven de doucheruimte) is aan te bevelen. De schakelaar van de ventilator kan gecombineerd worden met de lichtschakelaar. Een ventilator met nadraaitijd blijft na het uitschakelen van de verlichting nog enige tijd actief.

83. Zorg in de badkamer dat er voldoende licht is. Behalve het lichtpunt in het midden van het plafond is tevens verlichting naast of boven de spiegel nodig. Anders staat u bij de wastafel in uw eigen schaduw. Verlichting aan beide zijden van de spiegel voorkomt dat u uw hoofd moet draaien om uw gezicht van alle kanten goed te kunnen bekijken.

84. Gebruik geen elektrische apparaten in de badkamer tenzij deze zijn aangesloten op speciale contactdozen (spatwaterdicht).

85. Gebruik geen verlengsnoer dat aangesloten is op een stopcontact buiten de badkamer. Dit is levensgevaarlijk!


TOILET

86. Bij een verbouwing is het handig te overwegen een “zwevend” toilet (wandtoilet) te plaatsen. De vloer is dan namelijk gemakkelijker schoon te maken dan bij een toiletpot die op de vloer staat. Een ander voordeel van een wandtoilet is dat het op iedere gewenste hoogte geplaatst kan worden.

87. Een toilet op de verdieping waar u slaapt, vergroot het gemak en de veiligheid bij een nachtelijk toiletbezoek.

88. Een toiletpot op de juiste hoogte vergemakkelijkt het toiletbezoek en verkleint de kans op vallen. Een juiste pothoogte kan obstipatie (verstopping) voorkomen of verminderen. Laat u goed informeren welke hoogte bij u past.

89. Zorg dat de toiletrolhouder op een plek hangt waar u er goed bij kunt.

90. Als u het moeite kost om van het toilet op te staan, is het mogelijk om (opklapbare) wandbeugels aan te brengen naast of achter uw toilet. Let u er wel op, het is niet verstandig om beugels op een muur van gasbetonblokken te bevestigen. Dit materiaal is vaak te zacht en poreus. Een stenen muur is ideal.

TUIN OF BALKON

91. Zorg voor een tuin die onderhoudsarm is. 

92. Zorg voor een vlakke tuin met zo min mogelijk hoogteverschillen.

93. Een transparant of open balkonhek zorgt ervoor dat u een goed uitzicht op de omgeving heft.

94. Maak ook gebruik van verhoogde plantenbakken. Zo hoeft u minder te bukken en kunt u op een prettige hoogte tuinieren.

95. Om het onderhoud te beperken, moeten de plantenbakken in de tuin minstens een afmeting hebben van 90 x 90 cm. Als de bakken kleiner zijn, geeft het verzorgen juist extra werk omdat u vaker water moet geven.

96. Overweeg de aanschaf van aangepast tuingereedschap zodat u de handvatten gemakkelijker kunt vasthouden of minder hoeft te bukken.

97. Vaak is het niet mogelijk om op een balkon de drempel te verlagen of af te schuinen. Het is dan handiger om het balkon te verhogen met behulp van (anti-slip) vlonders.

TIJDENS DE VERBOUWING

98. Om te voorkomen dat de gehele woning onder het stof komt tijdens de verbouwing, is het verstandig goede afschermingsvoorzieningen (zoals afdekplastic) aan te brengen.

99.  Bekijk of de woningaanpassing is aangebracht zoals afgesproken en test de aanpassing zelf. U kunt dan aangeven of het naar wens is. Wanneer dit niet het geval is, dan kan het ongemak wellicht direct verholpen worden. Let op: er hoort altijd een opleveringsmoment te zijn waarbij u de kans krijgt om de gebreken ter sprake te brengen. Doet u dit in een later stadium dan is het vaak moeilijker om noodzakelijke wijzigingen kosteloos vergoed te krijgen. U kunt voor de zekerheid een foto maken van het defect, als u deze al direct bij de oplevering constateert.

100. Vraag de aannemer of leverancier van de aangebrachte aanpassing om een uitleg over het gebruik.

101. Informeer goed hoe het onderhoud van uw gemonteerde hulpmiddel of apparaat geregeld is. Welk onderhoud is nodig? Wie moet er voor zorgen dat het (op tijd) gebeurt en wie betaalt?